Wat wordt het in 2018?

2017 was er weer eentje met een vertekend weerbeeld; een droog voorjaar (met een memorabele vriesnacht begin mei 2017) die heel veel schade deed aan jonge bladeren en bloesems en (gelukkig) werd erkend als landbouwramp in België door de overheid. Daarna volgde een zeer grote droogteperiode die het langst volhield in de kustzone. Daarna kwam de regen en een behoorlijke zomer waardoor een aantal landbouwopbrengsten per ha werkelijk nog nooit gezien zijn. Droge jaren zijn vaak goede jaren voor de boer en tuinder (maar het mag ook niet te droog zijn.). Het tuin- en boomgebeuren werd gaande gehouden door de opmars van de Buxusmot en de heisa errond in de pers omtrent behandeling, achtergrond, oorzaken en noem maar op. Een aantal groeperingen zien het Buxusmotfenomeen als zijnde de pest bij de varkens: roei alle Buxus uit (want die is toch niet “streekeigen” zou blijken) en dan zou het probleem zichzelf oplossen. Dit is behoorlijk bij het haar gegrepen: je gooit niet alleen een groen element uit 2 eeuwen tuinkunst weg; particulieren die hun Buxussen vervangen door iets anders, zien hun wensen vaak niet voldaan en gooien de vervanger er ook uit. Zo kun je bezig blijven en worden de gevolgen van “de opwarming” van de aarde, een zuur economisch verhaal voor de particuliere tuinbezitter. Mensen worden het vaak snel moe te moeten zorgen voor het welzijn van hun planten in hun tuin. Tuinliefhebbers liggen wakker van de Buxusmot. Tuinziekten behandelen kost veel meer dan het normale onderhoud of meer dan het zorgen voor gezondheid in je tuin. Dit uit zich dan ook in het meer en meer aanwenden van kunstgras en het monteren van “versteende” afschermingen op basis van draadkorven en stenen, in plaats van hagen waarin de vogels kunnen huizen. De buitenruimte wordt zo aangekleed en er is weinig onderhoud en risico aan. Ondertussen doen we mee aan “verschraling” wat het omgekeerde is van “de biodiversiteit” waar in elke krant of magazine een artikel wordt aan gewijd.
Gezonde Buxussen worden ook druk bezocht door bijen in perioden van voedselschaarste om uit de Buxusbladeren zogenoemde “bladhoning” te halen. Een aantal imkers kennen dit fenomeen. Dit hebben we nog nooit gelezen in de schrijfsels van personen die bij hoog en bij laag beweren dat Buxus bij ons “zonevreemd” en “niet streekeigen” is .

We zijn benieuwd wat 2018 brengt.... Maar we moeten ons hoeden voor een mogelijke “uitbreiding van de waard- én interesseplanten” van deze Buxusmot die bij ons zich bijzonder goed gedijt. Hopelijk wordt deze mot geen veel voorkomend ‘vlinderinsekt” binnen enkele jaren....

Nu, alles is energie en frequentie en we zien toch nog een aantal tuinen zonder buxusmotaantasting in het Brusselse terwijl de tuinen van de buren daar allemaal schadebeelden kennen van deze nieuwe plaag. Er is dus zeker hoop om de plaag te voorkomen en Buxus gezond te houden.

Door de Buxusmot beschadigde planten moet je wel goed verzorgen (door EM micro-organismen en mineralen bijvoorbeeld), want zonder hulp zal volgend jaar niet veel herstel mogelijk zijn door de plant zelf; de vitaliteit van de Buxus is algemeen veel minder dan vroeger en dit zie je dan ook vaak in een kleurvariatie van de groene plant en in de groeiverschillen tussen de verschillende haagdelen.

1. Recente resultaten

1.2. Recente resultaten 2018

     
Fraxinus excelsior
     
Hydrangea spp Regeneratie na heath stress schade

1.2. Recente resultaten 2017

     
Fagus
     
Hedera helix
     
Ash Dieback disease
     
Juglans regia spp
     
Malus spp
     
Taxus baccata
     
Taxus baccata regeneration
     
Taxus baccata regeneration
     
Buxus sempervirens

1.3. Resultaten 2016 in beeld van "voor" en "na"

     
       
Buxus spp (cylindrocladium)
     
Buxus
     
Fraxinus excelsior
     
Elaeagnus/olijfwilg

1.4. Recente resultaten 2015 in beeld van "voor" en "na"

     
     
     
     
     
     
     
     
     
     
     
     

1.5. Recente resultaten 2014 in beeld van "voor" en "na"

     
     
     
     
     
     
     
     
     
     
   
 
     
   
 
   
 
   
 
   
 
     
   
 
   
 
   
 
   
 

1.6. Recente resultaten 2013 in beeld van "voor" en "na"

     
     
     
     
     
     
     
     
     
     
     
     
     
     
Door vitalisering (op verschillende vlakken) reageren behandelde bomen en hagen wel vlotter.
Algemeen komt het erop neer dat onze bomen en ander groen in 2013
  • later reageren op de lente dan vroeger
  • moeilijker blad en bloem aanmaken
  • in dezelfde tuin dus later in blad/bloem komen (een maand !)
  • moeilijker reageren op snoeiwerkzaamheden
  • meer te maken krijgen met allerhande ziekten en plagen
  • gevoeliger geworden zijn aan hitte- en droogtestress
  • gevoeliger geworden zijn aan zogenoemde "gebreksziekten" (gebrek aan ijzer, mangaan, magnesium, ...)
  • het hoe langer hoe meer het plots kunnen laten afweten (of delen van de plant)

1.7. Resultaten 2012

     

Beeldmateriaal van een Cryptomeria japonica tegen een bedrijfsloods voor en na de behandelingen. De plant groeit weer, is veel donkerder van kleur en heeft een veel betere tak- en naaldstand.


Beeldmateriaal van Lonicera spp, Buxus sempervirens en Taxus baccata in diverse kwekerijen (Belgie) op het einde van het groeijaar van 2012. Deze planten kregen geregeld combinaties toegediend van mineralen en micro-organismen. De groei was zeer egaal en de aantastingen van schimmels en insekten waren zo miniem dat scheikundig ingrijpen overbodig was.


     
Beeldmateriaal van druivenras Müller-Thurgau op dezelfde lokatie (omgeving Ieper, Belgie) in 2011
(BEFORE): kleine vruchten en kleine trossen, ongelijke groei, weinig scheutvitaliteit,… Zelfs planten die afsterven of gevoelig zijn voor bladverkleuring/gebreksziekten.
(AFTER) situatie in 2012 na aanbrengen vanaf het voorjaar van 2012  van het Effectieve Micro-organismenprincipe en mineralen zoals o.m. Bokashi, Vulkamin en Oenosan kalkmeststof: wijnstokken zijn veel vitaler, grotere trossen en grotere vruchten, egaler bladkleur, minder korstmossen op de plantvoet,… Planten doen het stukken beter dan vorig jaar en zijn minder ziektegevoelig, ondanks de kwakkelzomer en –najaar van 2012

     
Salix spp in korteomloophout (omgeving Ieper/Wervik, Belgie) die teruggezet werd in januari van 2012, maar die tot begin juli geen echte doorgroei kende, niettegenstaande het voorjaar van 2012 nochtans niet droog was. Na verdere ontstoring op 3 juli is het gewas op eind augustus (na 2 maand) nog in volle groei met weinig aanwezigheid van schimmels of insekten. De kleur van de wilgen in augustus is ook stukken beter dan deze in juli, vergeleken met de kleur van de elzengroep vooraan rechts in beeld

     
Evolutie van een zomerlinde (Vredesplein Diksmuide, België) rechts op het beeld, die in 2011 grote problemen vertoonde met luizen, dauwdrup, bladopdroging en bladval, massa’s korstmossen tot zelfs sporen van bloedingen op de stam.. Daarnaast: de situatie exact een jaar later: een veel betere habitus, betere bladmassa en bladkleur, geen insektenaantasting meer, geen bloedingsverschijnselen, enz. Zelfs de niet-behandelde boom ernaast is erop verbeterd (vooral ook door de invloed van het wegnemen/verminderen van elektromagnetische storingen in de omgeving)

         

       
Andere resultaten van "voor" en "na" volgen nog van diverse plantensoorten en op diverse lokaties (Tilia, Buxus, Taxus, mais,…)

Andere resultaten van “voor” en “na” volgen nog van diverse plantensoorten en op diverse lokaties (Tilia, Buxus, Taxus, mais,….)

2. Vroegere resultaten

2.1. resultaten enkel door ontstoring: bomen en hagen kunnen ‘herstarten’

2.1.1. Boom Richelieu Kemmel

Reactie van een boom van ongeveer 80-90 jaar oud enkel door ontstoren in het voorjaar van 2010. De boom is vrijgezet van elektromagnetische vormen van storing en kan weer herstarten” (ref: Wateraders). Het mogelijk gebruik van vitaliserende produkten zal de boomreactie nog versterken. Foto's van mei, juni en juli 2010.

2.1.2. Crataegus of meidoornhaag in landelijk gebied

 

Verschil van uitzicht tussen een volgroeide – nog niet uitgelopen - meidoornhaag vol korstmossen bij het ontstoren rond half april 2010  en dan de “vrijgezette” haag rond half mei 2010. Veel hagen (algemeen) groeien niet meer door de aanwezige storingen en veel plantsoorten binnen de Rosacaea zijn sterk onderhevig aan de aangroei van korstmossen op takken en twijgen door de aanwezigheid van zwerfstromen. Worden bomen dode materialen?

 

2.1.3. Ligustrum bolvormen op stam in volle grond

 

Reactie van deze plantvormen met beeld van eind april 2010 (moment van ontstoring) en verder van half augustus 2010 (ref: Wateraders) .

2.1.4. Bomen in vrije landschap die moeilijk in blad komen in het voorjaar

 

Beeld van vrijstaande populieren rond half mei 2010 (datum ontstoring) die niet samen uitlopen en de toestand van dezelfde bomen tijdens de zomer (ref Wateraders)

2.2. Resultaat van ontstoring + gebruik van natuurlijke middelen

2.2.1. Bomen / straatbomen Openbaar domein

2.2.2. Bomen en hagen particuliere tuinen

2.2.3. Boomkwekerij

2.2.4. Bosbouw - houtproductie

Populieren bestanden met grote storingen en bijgevolg weinig groeikracht en zware aantastingsgraad van populierenroest. (situatie 2010 en 2011)

2.2.5. Fruitbomen / bio fruitteelt (resultaat op leifruit)

Het vrijzetten van storingen en het aanbrengen van natuurlijke middelen leidt tot een gezond blad en mooie vruchten (hier leifruit; zomer 2009).

 

Dit is het resultaat van een appelboom ontstoord en niet ontstoord met puntfrequenties aan de boomvoet; let op de vruchtgrootte van twee naast elkaar staande bomen; zomer 2009)

   

Resultaten op appelleibomen (aug 2009)

2.2.6. Druiventeelt/wijnbouw

 

beelden van volgroeide druiven, eind aug 2010. Minder "gestoorde" planten, hebben minder last van gebreksziekten (Mg bijvoorbeeld) dan de voriger jaren

   

Vergelijking naar houdbaarheid van Cabernet franc druiven behandeld en niet behandeld met Oenosan  zo’n 13 dagen na pluktijdstip (bron Agraphyt)

2.2.7. Kleinfruit

2.2.8. Hopteelt

   

Natuurlijke middelen kunnen een groot plusplunt zijn in de vitaliteit, immuniteit en opbrengst van hop

 

2.3. resultaten bij water, vijvers en waterpartijen

2.4. resultaten in landbouw

2.4.1. resultaten op vroege aardappelen in het zeer droge voorjaar en voorzomer van 2011

Deze aardappelen van de soort Amora  werden gepland in een bodem (textuur zand- lemig zand) in de streek van Koekelare (West-Vlaanderen, Belgie) eind april 2011. De opbrengst was zo’n 32 Ton/ha – gelijklopend met beregende aardappelen – hoewel ze NIET beregend werden. Niet beregende aardappelvelden in deze zandige regio haalden slechts een opbrengst van 10-15 Ton /ha. Dus: bingo voor de boer in kwestie.
Het systeem: natuurlijk middelen afwisselend spuiten met de klassieke plaagbehandeling.(voor zover nodig in droge perioden)

2.4.2. resultaten op bonen

Bonen zijn een gevoelig gewas en blijkbaar ook aan elektrosmog e.d..  De foto’s van de bonen toonden de week voordien een overwegend gelige kleur, maar door één bespuiting met natuurlijke middelen, kwam de groei en de kleur erin. Het veld werd nagemeten naar de invloed van gsm stralingen uit de omgeving – dit was positief -  en werd dus ook “ontstoord” in die zin, wat ten goede komt aan de groeikracht. We onderhouden jullie van verder nieuws over deze bonen.

 

3. Referenties

3.1 Enkele boomkwekerijen

enkele tuinondernemingen & particuliere tuinen die het micro-organismen en mineralen verhaal toepassen of waar het toegepast wordt.. Sommigen aannemers onder hen gebruiken zelfs geen insekticiden en fungiciden meer.

3.3 Monumentbomen